Bodemeigenschappen    
Ecologische bodemtypering is binnen de vegetatiekunde en floristiek al enkele decennia in ontwikkeling. Hierbij gaat het niet alleen om de primaire grondsoorten of bodemstructuur, maar ook om de processen in en buiten de bodem die bepalend zijn voor de ontwikkeling van levensgemeenschappen. De vegetatiekunde is hier ver in gevorderd.
Hier wordt geen classificatie gegeven. Maar hier wordt gewezen op processen en eigenschappen in de bodem die voorwaardenscheppend zijn voor bepaalde vegetatiepatronen in het landschap. Belangrijker dan de grondsoort is de waterhuishouding. De herkomst en de bewegingen van het plantenvoedende water drukken een enorm stempel op de soortensamenstelling van iedere vegetatie en zijn sterk bepalend voor de ontwikkeling voor de biomassa.
De herkomst en de richting van de waterbeweging in de bodem bepalen in belangrijke mate de bodemvruchtbaarheid, dat wil zeggen de concentratie van basen. Regenwater maakt de bodem zuur, dus basen arm, terwijl grondwater afkomstig van kwel of zijwaartse waterbronnen de bodem met basen verrijkt. Deze basen kunnen zowel met grondwater als met oppervlaktewater (overstromingen) worden aangevoerd.
Ook de aanwezigheid van kalk is van grote betekenis, vooral op de drogere gronden. Dynamiek: Een hoge dynamiek door wind, water, landbouw, begrazing, verkeer, lichtcondities of temperatuur betekent enerzijds een beperking voor veel soorten planten, maar het betekent ook vaak aanvoer van nutriënten of afbraak van ruwe humus.
Een gradatie in dynamiek betekent ook vaak meer verscheidenheid in de plantengroei. Al deze factoren kunnen op verschillende bodemtypen een verschillend effect hebben. Op zware kleigrond zal het instuiven van nutriënten nauwelijks effect op de vegetatie hebben, maar op hei schrale bodems kan dat desastreus zijn.
 
Bodemeigenschappen onderling
De positie, die de verschillende bodemeigenschappen tenopzichte van elkaar in een bodem innemen, is van invloed op de ontwikkeling van plantengemeenschappen. Hierbij is een aantal relaties van belang:
a. voedselarme bodem boven voedsel­rijke bodem
b. kalkarme bodem boven kalkrijke bodem
c. zure boven basische bodem
Onder invloed van deze rangschikking is floristische verscheidenheid te verwachten. Indien van een andere onderlinge positionering sprake is, bijv. voedselrijk boven voedselarm, dan is door overheersing van de bovenliggende eigenschap de flora minder divers.