script language="Javascript1.2">
Eiken-haagbeukbos
Het eiken-haagbeukenbos kent veel overeenkomsten met de andere bostypen van eiken en beukenbossen van de voedselrijke bodems. Dit bostype komt het meest voor in Zuid-Limburg. Daarbuiten komt het vooral voor in Twente en de Achterhoek en is verder sterk verspreid in de oostelijke helft van het land en op enkele plekken in het kustgebied. Een groot aantal kruidachtige bossoorten komt uitsluitend voor in oude bossen van 2 of meer eeuwen oud. Zaadbronnen in de omgeving is een voorwaarde voor vestiging in jonge bossen.
overzicht voornaamste drachtplanten en wilde bijen
 
 
Kenmerken eiken-haagbeukbos
De bodem bestaat uit een slecht doorlatende ondergrond van leem (beekleem, keileem, kleefaarde, pleistocene rivierklei en potklei) die is afgedekt met een laag lemig zand. Deze dubbele bodems vormen het grootste verschil met de andere bostypen. Verder komt dit bos voor op hellingen waar hakhoutbeheer werd gevoerd.
Bodem:Vochthoudend-zomerdroog
Periodiek met stagnerend water Voedselrijk
Leem- en kleiachtige bodems: zavel-rivierklei, lemige bodem, potklei en oude klei; brikgronden, eerdgronden,
vaaggronden
Kalkrijk pH7
(0ndergrond) of meer; bovengrond pH4-6
humusrijk
Bomen - hoofdhoutsoorten: haagbeuk. zomereik, gewone es.
* Houtige drachtplanten
Begeleidende soorten: beuk, gewone esdoorn*, zoete kers*, Spaanse aak*, winterlinde*, zomerlinde*, wintereik, ruwe berk. Op open plekken en aan bosranden: robinia*.
Struiken: aalbes*, bosroos*, boswilg*, eenstijlige meidoorn*, Gelderse roos*, gele kornoelje*, gewone vlier, hazelaar*, hondsroos*, hulst*, kruisbes*, rode kornoelje*, rood peperboompje*, sleedoorn*, tweestijlige meidoorn*, wegedoorn*, wilde lijsterbes*, wilde kardinaalsmuts*, taxus*, trosvlier. Vaak bramen*.
Lianen: bosrank*, klimop*, wilde kamperfoelie*.
Kruidlaag - nectar- en stuifmeelplanten: Kenmerkende soorten: amandelwolfsmelk, aardbeiganzerik, berghertshooi, boskruiskruid, boslathyrus (aan de randen), boswederik, daslook, donkersporig bosviooltje, gele anemoon, gele monikskap, grote muur, hartbladzonnebloem, heggenwikke (aan de randen) holwortel, kleine kaardenbol, kleine maagdenpalm, muskuskruid, prachtklokje, ruig klokje, slanke sleutelbloem, vingerhelmbloem, zwarte rapunzel. -- Overige soorten: Bleeksporig bosviooltje, bosaardbei, bosandoorn, bosanemoon, bosvergeet-mij-nietje, dagkoekoeksbloem, geel nagelkruid, gewone berenklauw, gewone hennepnetel, gewoon vingerhoedskruid, groot heksenkruid, hondsdraf, kleefkruid, knopig helmkruid, kruipende boterbloem, kruipend zenegroen, maartsviooltje, robertskruid, speenkruid, veelbloemige salomonszegel vingerhelmbloem en zevenblad
Geen bijenplanten: Kenmerkende soorten: boszegge, christoffelkruid, eenbes, eenbloemig parelgras, boswalstro, gulden boterbloem, heelkruid, lievevrouwebedstro, overblijvend bingelkruid, stijve naaldvaren, -- Overige soorten: drienerfmuur, gevlekte aronskelk, grote brandnetel, grote keverorchis, kleefkruid, (klimopbremraap), mannetjesvaren, ruw beemdgras, schaduwgras.
 
Toepassingen en beheer
Alle houtige soorten kunnen op minerale voedselrijke bodems worden toegepast. Kruidachtige worden/werden vaak aangeplant op uitgezaaid in stedelijke beplantingen. De meeste kruidachtige drachtplanten kunnen in veel stedelijke situaties worden toegepast.
Beheer: de meeste bossen in Zuid-Limburg werden als hakhout beheerd. Voor wilde bijen is het vooral van belang om te streven naar bloemrijke zomen die maximaal een keer per jaar mogen worden gemaaid.
 
Foto's
Daslook Leeuwarden -- Op de meest schaduwrijke plek in dit park is daslook toegepast. In de zomer is deze plek kaal. Gevlekt longkruid bevindt zich aan de buitenkant van het plantsoen. De randen van deze beplanting moeten wel geregeld worden gecontroleerd op opslag en ongewenste kruiden.
 
Daslook dominant -- Van de kruidachtige bolgewassen van het eiken-haagbeukenbos is daslook het gemakkelijkst toepasbaar. Op allerlei niet te zure, te natte of te arme bodems kan hij dominant optreden. Andere lage voorjaarsplanten worden hierbij overwoekerd. Daslook kan in tamelijke diepe schaduw groeien. In de zomer is de bodem hier kaal. (Leeuwarden 1996)
 
Holypark Vlaardingen -- Hier zijn verschillende soorten van het eiken-haagbeukbos geïntroduceerd. Onder meer daslook, muskuskruid en guldenboterbloem. In de natuur hebben deze planten hun eigen plek. Op deze plek beconcurreren ze elkaar. Muskuskruid is hierbij de zwakste partij. Beheer vindt hier nauwelijks plaats. (Vlaardingen, Holypark 2003)
 
Muskuskruid -- kan op veel plekken bodembedekkende tapijten vormen. Deze verdwijnen later in het voorjaar of in de vroege zomer. Deze plant is goed in tuinen toe te passen, maar hij kan wel door de hele tuin heen kruipen.
 
Overzicht van de voornaamste drachtplanten en wilde bijen van eiken-haagbeukbos  
#: sterk gebonden aan de plant. Dat kan varieren van volledig afhankelijk zijn tot een sterk voorkeur hebben voor deze plant.
> nestelen boven de grond (stengels, dood hout, muren; vaak ook in nestblokken/bijenhotels)
Acer campestre
Spaanse aak

zandbijen (Andrena barbilabris, A. bicolor, A. carantonica, A. chrysoscelis, A. flavipes, A.fulva, A. fulvida, A.tibialis); rosse metselbij (>Osmia rufa)

Acer pseudoplatanus
Gewone esdoorn

vooral zandbijen (Andrena) onder meer: A. barbilabris, grasbij (A. flavipes), vosje (A. fulva), roodgatje (A. haemorrhoa), A. tibialis, groefbijen; rosse metselbij (>Osmia rufa)

Aegopodium podagraria
Zevenblad

zandbijen (Andrena proxima #, A. barbilabris, A. cineraria, A. carantonica, A. chrysosceles, A. haemorrhoa, A. nigroaenea, A. nitida,  A. synadelpha, A. subopaca),  groefbijen (Halictus rubicundus, H. tumulorum; Lasioglossum calceatum, L. lucidulum, L. morio, L. parvulum, L. sexstrigatum)

> maskerbijen (Hylaeus communis, H. confusus,
H. hyalinatus, H. pitipes*)
Ajuga reptans
Kruipend zenegroen

sachembijen (Anthophora plumipes); Mestelbijen (>Osmia rufa, >O. caerulescens, O. aurulenta).

Campanula persicifolia
Prachtklokje

klokjesdikpoot (Melitta haemorrhoidalis8), klokjesbijen (onder meer Chelostoma rapunculi8), behangersbijen (onder meer Megachile willughbiella8)

Campanula trachelium
Ruig klokje

klokjesdikpoot (Melitta haemorrhoidalis #), klokjesbijen (onder meer >Chelostoma rapunculi #), behangersbijen (Megachile willughbiella8).

Cornus sanguinea
Rode kornoelje

onder meer groefbijen (lasioglossum), zandbijen (onder meer Andrena barbilabris, A.chrysosceles, A. nitida)

Corydalis cava
Holwortel

Gewone sachembij (Anthophora plumipes); Mestelbijen (>Osmia rufa),

Corydalis solida
Vingerhelmbloem

gewone sachembij (Anthophora plumipes), vosje (Andrena fulva*), roze metselbij (>Osmia rufa)

Crataegus monogyna

Eenstijlige meidoorn

vooral zandbijen (Andrena barbilabris, A. bicolor, A. caratonica, A. flavipes, A. haemorrhoa, A. tibialis); mestelbijen (>Osmia rufa)

Geranium robertianum
Robertskruid

zandbijen (Andrena barbilabris, A. bicolor), groefbijen (onder meer Lasioglossum claceatum), gewone behangersbij (>megachile versicolor).

Glechoma hederacea
Hondsdraf

zandbijen (Andrena fulva, A. haemorrhoa,A. subopaca); gewone sachembij (Anthophora plumipes); groefbijen (Halictus tumulorum, Lasioglossum calceatum), bruine rouwbij (Melecta albifrons); roze metselbij (>Osmia rufa, >O. caurulescens*).

Heracleum sphondylium
Gewone berenklauw

zandbijen (Andrena promixa, A. argentata, A. barbilabris, A. caobonaria, A. chrysosceles, A. flavipes, A. haemorrhoa, A. carantonica, A. nigroaenea, A. minutula, A. nitida); groefbijen (Lasioglossum Leucozonium, L. laticeps, L. pauxillum, L. sexstrigatum, L. zonulum); woekerbijen (Sphecodes).

> maskerbijen (Hylaeus brevicoris*, H. communis*, H. hyalinatus, H. pictipes*); Metselbijen (Osmia rufa*)
Lathyrus sylvestris
Boslathyrus

gewone langhoornbij (Eucera longicornis* #); behangersbijen (Mechalile ericetorum*#, M. centucularis).

Primula elatior
Slanke sleutelbloem

sachembij (Anthophora plumipes); Metselbijen (Osmia cornuta*), zandbijen (Andrena bicolor).

Prunus spinosa
Sleedoorn

vooral zandbijen (Andrena bicolor, A. cineraria, A. flavipes, A. fulva, A.heamorrhoa, A. nitida), metselbijen (>Osmia rufa, >O. cornuta); groefbijen (lasioglossum).

Punus avium
Zoete kers
zandbijen (onder meer Andrena barbilabris, A. flavipes, A. fulva, A. haemorrhoa, A. nitida, A. tibialis, A. varians,), rosse metselbij (>Osmia fulva ).
Ranunculus ficaria
Speenkruid

zandbijen (onder meer Andrena . bicolor, A. flavipes, A. fulva, A. haemorrhoa, A. tibialis, A. nitida); groefbijen (Lasioglossum calceatum); >roze metselbij (Osmia rufa).

Ranunculus repens
Kruipende boterbloem

ranonkelbij (Chelostoma florisomne #) zandbijen, Andrena bicolor, A. flavipes, A. nitida); groefbijen (Halictus tumulorum; Lasioglossum calceatum, L. pauxillum); mestelbijen (Osmia cornuta*, O. rufa*).

Ribes rubrum
Aalbes

roze metselbij (>Osmia rufa); zandbijen (Andrena fulva, A. nitida, A. haemorrhoa).

Ribes uva-crispa
Kruisbes

roze metselbij (>Osmia rufa); zandbijen (Andrena fulva, A. nitida, A. haemorrhoa)

Rosa canina
Hondsroos

zandbijen (o.m. Andrena barbilabris, A. bicolor, A.flavipes, A. chrysosceles, A. haemorrhoa, A. cineraria, A. nitida); rosse meselbij (>Osmia rufa).

Salix caprea
Boswilg

zandbijen (o.m. Andrena apicata #, A. clarkella #, A. bicolor, A. cineraria, A. flavipes, A. fulva, A. haemorrhoa, A. mitis #, A. praecox #, A. ruficrus # , A. tibialis, A. vaga #, A. ventralis #, A. nigroaenea; grote zijdebij (Colletes cunicularus #); gehoornde mestelbij (>Osmia cornuta*)

Sorbus aucuparia: vooral zandbijen (Andrena)
Stachys sylvatica
Bosandoorn

grote wolbij (Anthidium manicatum) en >andoornbij (Anthophora furcata#).

Viburnum oppulus
Gelderse roos
zandbijen (onder meer Andrena Haemorrhoa, A.nigroaenea, A. chrysosceles).
Vicia sepium|
Heggenwikke

zandbijen (Andrena lathyri #, (A. wikella #. A. labialis), langhoornbijen (Eucera longicornis#), metselbijen , behangersbijen (Mechagile circumcincta).

> (Osmia caerulescens #. O. claviventris #. O. rufa)
N.B. de meest karakteristieke planten soorten voor Eiken-haagbeukbos zijn hier genoemd. Er komen gewoonlijk ook drachtplanten voor die minder karakteristiek zijn, verder zijn er vrijwel altijd aangrenzende zomen en andere vegetaties met drachtplanten. In de praktijk betekent dat, dat er meer soorten te verwachten zijn dan in onderstaand overzicht worden genoemd. In oudere bossen en beplantingen is ook nestgelegenheid aanwezig in de vorm van dood hout, zowel in als langs de randen van deze houtige begroeiingen wordt ook in de grond genesteld en als er zomen zijn ook in stengels. Het voorkomen van wilde bijen is vooral sterk afhankelijk van nestgelegenheid in de omgeving.
Andrena - Zandbijen  
Andrena apicata Donkere wilgenzandbij
Andrena barbilabris Witbaardzandbij
Andrena carantonica Meidoornzandbij
Andrena chrysosceles Goudpootzandbij
Andrena flavipes Grasbij
Andrena fucata Gewone rozenzandbij
Andrena fulvida Sporkehoutzandbij
Andrena haemorrharoa Roodgatje
Andrena mitis Lichte wilgenzanbij
Andrena nigroaenea Zwartbronzen zandbij
Andrena nitida Viltvlekzandbij
Andrena praecox Vroege zandbij
Andrena proxima Fluitenkruidbij
Andrena subopaca Witkopdwergzandbij
Andrena tibialis Grijze rimpelrug
Andrena ruficrus Roodscheenzandbij
Anthidium - wolbijen  
Anthidium manicatum Grote wolbij
Anthophora-sachembijen  
Anthophora furcata Andoornbij
Anthophora plumipes Gewone sachembij
Bombus - Hommels  
Bombus bohemicus Tweekleurige koekoekshom
Bombus campestris Gewone koekoekshommel
Bombus hortorum Tuinhommel
Bombus hypnorum Boomhommel
Bombus lapidarius Steenhommel
Bombus pasuorum Akkerhommel
Bombus pratorum Weidehommel
Bombus sylvestris vierkleurihe.koekoekshom
Bombus terrestris Aardhommel
Bombus vestalis Grote koekoekshommel
Colletes - Zijdebijen  
Colletes cunicularis Grote zijdebij
Eucera - langhoornbijen  
Eucera longinornis Gewone langhoornbij
Halictus groefbijen  
Halictus rubicundus Roodpotige groefbij
Halictus tumulorum Parkbronsgroefbij
Hoplites Metselbijen  
Hoplites claviventris Geelgespoorde houtmetselbij
Maskerbijen - Hylaeus  
Hylaeus communis Gewone maskerbij
Hylaeus confusus Poldermasker
Hylaeus hyalinatus Tuinmaskerbij
Hylaeus pictipes Kleine tuinmaskerbij
Groefbijen - Lasioglossum  
Lasioglossum calceatum Gewone. geurgroefbij
Lasioglossum leucozonium Matte bandgroefbij
Lasioglossum morio Langkopsmaragdgroefbij
Lasioglossum parvulum Lasioglossum parvulum
Lasioglossum sexstrigatum Gewone franjegroefbij
Lasioglossum zonulum Glanzende bandgroefbij
Megachile- ehangersbijen  
Megachile versicolor Gewone behangersbij
Megachile willughbiella Grote bladsnijder
Melecta - rouwbijen  
Melecta Albifrons Bruine rouwbij
Melitta dikpootbijen  
Melitta haemorrhoidalis Klokjes dikpoot
Nomada - Wespbijen  
Verschillende soorten
Osmia - Metselbijen  
Osmia aurulenta Gouden slakkenhuisbij
Osmia caerulescens Blauwe metselbij
Osmia cornuta Gehoornde metselbij
Specodes - Bloedbijen  
Verschillende soorten